'We kunnen eigenlijk al wel weer naar huis' zeiden we tegen elkaar toen we gisternacht te midden van een grote groep dolfijnen de Inverness Firth invoeren. Ons noordelijke soortenlijstje was namelijk al wel weer zo'n beetje compleet. We zeilden al ruim een etmaal temidden van alken, zeekoeten en papegaaiduikers noordwaarts, werden omringd door Noordse stormvogels die als vliegende witlofstronkjes om de boot cirkelden, zagen Jagers andere zeevogels de stuipen op het lijf jagen, genoten in de Moray Firth van de spectaculaire duikvluchten van Jan-van-Genten, hoorden de schrille roep van Noordse sternen en het 'kittiwake' van Drieteenmeeuwtjes - die de Britten overigens heel terecht Kittiwake noemen. Op deze noordelijke breedtes is de Noordzee beslist geen saaie grijze plas.
Maar hoewel we dus al een aardig lijstje hebben, is het wat ons betreft nog niet compleet. We hopen straks aan de westkust nog de Zeearend te spotten, Bruinvissen te kunnen noteren, Roodkeelduikers, Otter, en wie weet eindelijk Orka's waar te nemen. We kunnen dus nog helemaal niet naar huis.
Nog altijd opgebokt in de loods voor groot onderhoud
5 weken geleden
